|
|
|||||||||||||
|
|||||||||||||
| |
|||||||||||||
|
woensdag 2 juli 2008 Fietsen in de binnenstad Soms springt je hart een slagje over bij binnenkomst van een mailtje: YES. Onze motie is niet alleen aangenomen maar wordt ook uitgevoerd! Stom dat het Brabants Dagblad met geen woord rept over onze motie.
Geachte raadsleden In haar vergadering van 21 mei 2008 heeft de gemeenteraad een motie van GroenLinks over het fietsen in de binnenstad aangenomen. De motie spreekt uit dat de wijze waarop de fiets de binnenstad kan doorkruisen een heldere keuze behoeft. Die keuze heeft het college op 1 juli gemaakt. Geheel in lijn met de motie en de ambitie van de koersnota om het fietsverkeer verder te stimuleren wordt het fietsen op de Martkt/Pensmarkt toegestaan. Met vriendelijke groet, Bij verder lezen heb ik het spannendste deel van het collegevoorstel gekopieerd: Positie fietser in de binnenstad Er kunnen ernstige twijfels worden gezet bij de naleving van de bestaande geslotenverklaring voor het fietsverkeer buiten de venstertijden in aansluiting op de Markt waar het fietsen wel wordt toegestaan. Voorgesteld wordt om in aansluiting van de Markt het toestaan van het fietsen elders in de binnenstad niet langer tot een bepaalde tijd te beperken. Het regime van het winkelerf zou dan kunnen gelden voor het volledige gedeelte van de binnenstad wat een ongeleed profiel (geen specifiek trottoir) kent, en wordt geassocieerd met een ‘voetgangersgebied’ (zie bijgevoegde kaart). De bebording staat dan op de overgang naar dit gebied, zodat de Markt volledig vrij blijft van bebording. Dit principe sluit aan op het gedachtegoed van het zogenaamde ‘shared space’. Dit gedachtegoed gaat uit van het principe dat het wenselijk verkeersgedrag een resultante is van normale omgangsvormen in de interactie tussen verkeersdeelnemers. Gerelateerd aan de situatie in de binnenstad gaat dit principe uit van de veronderstelling dat zowel de hoeveelheid fietsers als de snelheid waarmee wordt gefietst daalt naarmate de hoeveelheid voetgangers binnen de beschikbare ruimte toeneemt. Uit toegepast wetenschappelijk onderzoek, waaronder in de binnenstad van Den Bosch, wordt die veronderstelling bevestigd. In de dagelijkse praktijk blijkt de ontmoeting tussen fietser en voetganger, excessen daargelaten, ook probleemloos te verlopen. Op onder meer de Wolvenhoek, Visstraat, Lepelstraat, Snellestraat en Marktstraat, waar voor fietsers geen beperking geldt, wordt de koers en de snelheid van de fietser afgestemd op de aanwezigheid van de voetganger. Op de straten zonder fysieke scheiding, naast de genoemde straten ook bijvoorbeeld de Hinthamerstraat en Kerkstraat buiten de winkeltijden, bepaald de voetganger in hoofdzaak zelf zijn positie. Tijdens piekmomenten zijn zelfs de rijbaangedeeltes die in principe niet voor de voetganger zijn bestemd (Visstraat, Hoge Steenweg, Marktstraat) volledig het domein van de voetganger. De fietser past zijn koers en snelheid hier op aan. Periodiek wordt er in de huidige situatie door Stadstoezicht gericht toezicht uitgeoefend op het (brom)fietsen buiten de venstertijden (12.00 - 07.00). De handhaving van het huidige regime is eenvoudig. De constatering dat er wordt gefietst is voldoende voor het uitschrijven van een proces-verbaal. Hierbij wordt er echter nauwelijks enige relatie gelegd met de mogelijke hinder of gevaar wat de fietser veroorzaakt. De ervaring is dat de mate van handhaving nauwelijks effect heeft op de naleving van het fietsverbod. Post een reactie
|
|
||||||||||||
Reacties